Verwarming

Een warm huis mag geen luxe worden

Door Mary Anne

Wie de verwarming uitzet omdat de energierekening onbetaalbaar is, betaalt uiteindelijk mogelijk een veel hogere prijs: met zijn gezondheid, zijn woning en zijn welzijn.

Ik ken mensen die in de winter hun verwarming niet durven aan te zetten. Mensen die onder een deken de dag proberen door te komen en met waxinelichtjes en terracotta potjes hun woning proberen te verwarmen. Het klinkt bijna onvoorstelbaar in een welvarend land als Nederland, maar het gebeurt.

En het gaat niet alleen om de kou. Een woning die langdurig onvoldoende wordt verwarmd, koelt af. Vocht uit koken, douchen en ademen kan neerslaan op koude muren en ramen. Bij aanhoudend vocht en onvoldoende ventilatie ontstaat een voedingsbodem voor schimmel. Dat is slecht voor de woning én voor de gezondheid van de bewoners.

Zo wordt een hoge energierekening een probleem dat veel verder reikt dan de maandelijkse uitgaven. Een woning raakt aangetast, bewoners kunnen gezondheidsklachten krijgen en uiteindelijk kunnen de herstelkosten oplopen. Precies de mensen die het minst te besteden hebben, hebben vaak ook het minst geld om die schade te laten herstellen.

De cijfers zijn veelzeggend. Volgens het CBS had in 2024 bijna 30 procent van de huurders last van vocht of schimmel in de woning. Bij eigenaar-bewoners was dat ruim 14 procent. En volgens een voorlopige schatting van TNO en het CBS leefden in 2025 ongeveer 503.000 Nederlandse huishoudens in energiearmoede. Dat is zes procent van alle huishoudens.

Wie kan investeren, en wie niet?

De meeste mensen die ik ken en die in de problemen komen, wonen in een huurhuis. Ze kunnen niet op eigen initiatief de gevel isoleren, HR++-glas laten plaatsen of een warmtepomp installeren. Daarvoor zijn ze afhankelijk van hun verhuurder. Intussen betalen ze wel de energierekening.

Van nutsvoorziening naar verdienmodel

Wie voldoende geld heeft, kan investeren in isolatie, zonnepanelen en andere maatregelen om minder energie nodig te hebben. Dat hebben wij ook gedaan. We hebben ongeveer 22.000 euro geïnvesteerd in verduurzaming. Daardoor zijn we minder afhankelijk van de energiemarkt geworden.

Maar wat gebeurt er met mensen die dat geld niet hebben? Zij blijven aangewezen op een woning die soms moeilijk warm te krijgen is en op energie die ze nauwelijks kunnen betalen. De energietransitie biedt hun niet automatisch dezelfde mogelijkheden. Sterker nog: zonder gerichte hulp dreigen zij achter te blijven.

Energie is geen luxeproduct. Het is een eerste levensbehoefte, net als water en een dak boven je hoofd. Toch moeten huishoudens zich steeds opnieuw aanpassen aan veranderende tarieven, ingewikkelde contracten en nieuwe voorwaarden.

Vanaf 1 januari 2027 verdwijnt de salderingsregeling voor zonnepanelen. Wie stroom teruglevert, krijgt daarvoor een vergoeding, maar kan die stroom niet langer wegstrepen tegen de elektriciteit die hij afneemt. Energieleveranciers mogen daarnaast terugleverkosten rekenen. De financiële voordelen van zelf opgewekte stroom veranderen daardoor opnieuw.

Dat maakt het voor huishoudens moeilijker om vooraf te bepalen wat verduurzaming hun werkelijk oplevert. Wie al heeft geïnvesteerd, ziet de spelregels veranderen. Wie nog niet kan investeren, blijft afhankelijk van de prijs die anderen voor energie vragen.

Concurrentie zou consumenten voordeel moeten bieden. Maar een vrije energiemarkt garandeert niet dat energie voor iedereen betaalbaar blijft. En wie de rekening niet kan betalen, heeft weinig aan de theoretische vrijheid om een andere leverancier te kiezen.

Samen kunnen we meer

Ik wil niet terug naar een wereld waarin vernieuwing onmogelijk is. Ik wil juist dat we de mogelijkheden die we hebben, beter benutten.

Waarom zouden buurtbewoners die zonnepanelen hebben hun overtollige stroom niet beschikbaar kunnen stellen aan mensen die zelf niet kunnen investeren? Waarom zouden we niet onderzoeken of lokale energiecoöperaties, opslag en slimme verdeling van elektriciteit kunnen helpen om de energiekosten te verlagen?

Dat vraagt om goede afspraken, technische oplossingen en een overheid die zulke initiatieven mogelijk maakt. Het lost energiearmoede niet volledig op, maar het kan wel helpen om de voordelen van verduurzaming eerlijker te verdelen.

Een warm huis zou geen beloning moeten zijn voor wie voldoende geld heeft om te investeren. En niemand zou in een vochtig huis onder een deken de winter moeten doorbrengen omdat de verwarming financieel onbereikbaar is.

De vraag is niet alleen hoe we energie duurzamer maken. De vraag is ook voor wie die verduurzaming werkt. Als we daarop geen goed antwoord hebben, zijn we niet klaar met de energietransitie.

WordPress Lightbox